Een kind die werd gekleineerd als die (te) emotioneel was. Want dat mag niet. Ik krijg er ook nog tranen van. Dan je weet dat je niet veilig voelde als kind.
Je mocht niet boos worden. Je mocht niet verdrietig zijn. Je mocht alleen maar blij zijn. Maar ook alleen blij zijn als je ouders dat ook waren.
Boosheid en verdriet werd verboden en (zwaar) bestraft. Je kon nog alleen maar bevriezen en overleven.
Je voelt je vernederend, je weet alleen dat liefde voorwaardelijk is. Je krijgt pas liefde als aan de regels voldoet. Zo niet, dan hoor je hier niet thuis.
Je weet dan als je wilt leven, moet je dan jezelf opzij zetten. Want anders blijf je een loser. Je kan alleen maar pleasen en dienstbaar zijn voor de ander. Je bent aan het overleven.
Om het overleven behapbaar te maken, heb je de keuze uit voedsel, drank, drugs, porno en sport. Want dan hoef je de pijn niet te voelen. Maar hoe langer je het gebruikt, hoe meer je nodig hebt.
En nu weet je helemaal niet hoe je verdriet of boosheid moet uiten. Je kan het wel, maar dan alleen overweldigend. Het komt altijd als een explosief naar buiten. Je bent dan niet boos, je bent dan agressief.
Maar je schaamt je ook dood om je boos- en je verdrietheid te uiten. Want als je dat doet, ligt afwijzing op de loer.
Maar ja, je weet één ding! Die boosheid en verdriet komt sowieso een keer eruit. Dat maakt het juist nog angstiger van. Er moet nog meer verdoofd worden.
Je hoopt maar op een Robin Hood voor jou. Die jou aanmoedigt om jouw boosheid en verdriet te uiten. En daarna je omarmt. Omdat je dat al jarenlang heel erg gemist hebt.
Diegene blijft je ook onvoorwaardelijk lief van jou houden.
En als diegene er is, dan raakt je ook nog weer in paniek.
Het onveilige kind zit in een spiraal van hopeloosheid. Het enigste wat je kan doen, is hopen dat het goed komt.
Reactie plaatsen
Reacties